Outlaw Motorcycle Gangs (OMGs) zijn broeinesten van individuele misdaad en georganiseerde criminaliteit, aldus de Minister van Justitie en Veiligheid. Om aan deze clubs een stevig halt toe te roepen, initieert hij in 2012 een integrale bestrijdingsmethode: met alle denkbare middelen bemoeilijkt dan wel dwarsboomt de overheid het functioneren van OMGs.

Sommige van de omstreden motorclubs zijn inmiddels verboden. Wat de consequenties van een verbod zijn, is echter onduidelijk. Mogen leden bijvoorbeeld niet meer samenkomen en is het hen niet langer toegestaan om hun clubkleding in het openbaar te dragen? De Nederlandse wet is – anders dan bijvoorbeeld de Duitse en Franse wet – op dit punt allesbehalve helder. Tot onder meer deze conclusie komen onderzoekers van het Centrum voor Openbare Orde & Veiligheid van de Rijksuniversiteit Groningen in een onderzoek dat zij uitvoerden in opdracht van het programma Politie en Wetenschap. Het onderzoek wordt vandaag gepubliceerd.

In 2012 start de minister van Veiligheid en Justitie de integrale aanpak van OMGs. Hiermee pakt de overheid in vrijwel al haar geledingen deze motorclubs aan. OMG-leden krijgen ontslag dan wel ondervinden weerstand bij gevoelige particuliere functies zoals die in de beveiligingsbranche. Vergunningen voor clubevenementen en clubhuizen worden geweigerd. Bestaande clubhuizen gaan dicht of zelfs tegen de vlakte. Om het vergaderen in cafés en huurwoningen te beletten, oefenen lokale overheden druk uit op horeca-uitbaters en woningcorporaties. Aan de strafrechtelijke vervolging van leden van OMG-leden voor misdrijven als diefstal, belastingfraude, geweldsdelicten en deelneming aan een criminele (drugs)organisatie verleent het Openbaar Ministerie (OM) prioriteit. En het OM verzoekt de rechter om OMGs te ontbinden en te verbieden.

In de afgelopen twee jaar verbood de rechter Bandidos, Catervarius en Satudarah. Hells Angels en No Surrender wacht waarschijnlijk eenzelfde lot. De gevolgen van een verbodenverklaring zijn echter slechts summier geregeld in artikel 140 lid 2 van ons Wetboek van Strafrecht. Die bepaling stelt strafbaar ‘de deelneming aan de voortzetting van de werkzaamheid’ van een verboden organisatie.

Foto Jack Brekelmans

In de wetsgeschiedenis, rechtspraak en literatuur wordt heel verschillend gedacht over de betekenis van deze woorden. Mede hierdoor is het allerminst duidelijk wanneer een persoon zich aan dit misdrijf schuldig maakt. Valt het dragen van clubkleuren en -tatoeages in het openbaar hier bijvoorbeeld onder? Mogen OMG-leden niet langer vergaderen op voor publiek toegankelijke plaatsen? En is het leden niet toegestaan een nieuwe club op te richten?

Anders dan in Nederland bevat de wetgeving van Duitsland, Frankrijk en Australië (Queensland) gedetailleerde en concreet omschreven bepalingen met daarin vastgelegd welke handelingen en gedragingen in elk geval strafbaar zijn na een clubverbod. Het meest sprekende voorbeeld is het Duitse ‘Kenzeichen-verbot’ op basis waarvan het uitdrukkelijk is verboden tekens te voeren die refereren aan een verboden organisatie.

De resultaten van het onderzoek zijn gebaseerd op klassiek-juridisch onderzoek naar het Nederlandse, Duitse, Franse recht en het recht van de Australische staat Queensland inzake de aanpak en het verbieden van onrechtmatige organisaties. Het onderzoek bevat eveneens een empirisch-juridische component: 41 personen van gemeenten, het Openbaar Ministerie, de Nationale Politie en andere professionals zijn met behulp van semi gestructureerde interviews bevraagd op de integrale aanpak van OMGs in de praktijk, de mogelijkheden tot handhaving van een organisatieverbod en de wenselijkheid van gedetailleerdere regelgeving over de gevolgen van een verbod volgens het Nederlandse recht.
De onderzoekers bevelen aan het huidige verbodsregime te voorzien van een solidere wettelijke basis in lijn met de Grondwet en internationale mensenrechtenverdragen. Ook roepen zij op tot een herbezinning op het instrumentarium van de integrale aanpak als hiervoor een wettelijke basis ontbreekt.

(bron Politie en Wetenschap)